TERUG

Sas is in vele naoorlogse publicaties onterecht  neergezet als een Cassandra, een roepende in de woestijn.

 

Waarschuwingen van Sas aan Den Haag.

Sas was van mening dat men niets deed met zijn inlichtingen. 

Echter, GS IIIA en de regering namen zijn waarschuwingen wel serieus. GS-IIIA koppelde zijn waarschuwingen aan inlichtingen van andere bronnen. Zo kon het zijn dat die andere bronnen tegengestelde informatie verschaften waardoor het GS IIIA tot andere conclusies kwam dan Sas.

 

 

zx

Aanvalsdata OKW.

Waarschuwingen van Sas.

Mededelingen.

  20 april 1939 Na de parade in Berlijn tgv de 50e verjaardag van de Rijkskanselier zijn Calmeijer en Sas onder de indruk van al het nieuwe wapentuig wat voorbij kwam marcheren. Grote aantallen tanks, gemechaniseerde infanterie, nieuwe kanonnen, ruim 2000 parachutisten en honderden vliegtuigen vlogen over.
Hij waarschuwt dat er meteen maatregelen genomen moeten worden om eventuele acties van parachutisten onmiddellijk te kunnen bestrijden. Reactie: vangen we op met hooivorken!
  Eind mei 1939 Plannen om Polen binnen te vallen. Op 23 mei heeft Hitler  zijn generaals meegedeeld dat Polen bij de eerste beste gelegenheid zal worden aangepakt. Duitse media zijn al een offensief begonnen tegen de Polen. Duitse propaganda pers doet alle mogelijke moeite de lezers wijs te maken dat Polen elk moment Duitsland zal gaan aanvallen en niet omgekeerd.
25 aug.1939 5 augustus 1939 Waarschuwing dat Polen op de 25e augustus zou worden overvallen. (Dat werd uitgesteld tot 1 september.)
  27 augustus 1939 Polen wordt overvallen met 60 divisies. Polen is bezig haar leger te mobiliseren. [84]
  29 augustus 1939 Lt. Klop meld uit Berlijn dat het Duitse volk niet staat staat te juichen. De bevolking is tegen de oorlog.
1 sept 31 augustus 1939 Datum overval op Polen, 1 september om 00.10, wordt doorgegeven. Erbij wordt gemeld dat er gebruik zal worden gemaakt van Duitse (Het bleken Duitse gevangenen in Pools uniform die werden doodgeschoten) soldaten in Poolse uniformen die achter  het front opereerden.
  28 september 1939 Na de Poolse campagne meldde Sas uit eigen waarneming aan De Haag dat er gevaar was en dat het in het westen zal losbreken en onderbouwde zijn veronderstelling met: [6]
Hergroeperingen van troepen op grote schaal nabij de Nederlandse grens, 
Gesneuvelden werden vervangen door nieuwe dienstplichtigen,
Tanks en pantservoertuigen werden gerepareerd, 
Grote munitie en benzinevoorraden werden aangelegd in het westen van Duitsland.
De signalering van pioniereenheden die grote hoeveelheden pontonbruggen klaar hadden liggen,
De aanleg van vliegvelden aan de Nederlandse en Belgische grenzen,
Zijn ervaringen die hij op uitnodiging van de Abwehr met andere militaire attachés had opgedaan in Polen,
Het lezen van het verontrustende boek van Herman Rauschning, "Die Revolution des Nihilismus", waarvan hij een exemplaar had meegenomen. (in Zwitserland gedrukt in Duitsland verboden omdat hier onverholen in stond wat de nazi's van plan waren.)

Ditmaal, zo schreef Sas in een brief aan de opperbevelhebber, zouden zij het plan-Schlieffen van 1911uitvoeren, dat voorzag in een zwenking met een sterke rechtervleugel door zuidelijke Nederland. Zijn tweede voorspelling was, dat over ongeveer zes weken de spanning in het westen zou beginnen. 

  1 oktober. [84] ‘Ik meen te mogen aannemen, dat er binnen enkele weken om de gedachten te bepalen 100- 110 Duitsche divisies, aangevuld en uitgerust, aan en achter het Westfront aanwezig zullen zijn…
…Moet een offensief in het westen in de lijn van het nationaal-socialistische leiding worden geacht? Ik aarzel niet deze fundamenteele vraag onvoorwaardelijk bevestigend te beantwoorden.’
   14 oktober 1939 [84] Duitsland had plannen om door België Frankrijk aan te vallen omstreeks 1 november. De Nederlandse neutraliteit zou hierbij gerespecteerd worden. Twee dagen later kwam Sas met aanvullende informatie, de aanvalsdatum van 1 november was slechts een voorlopige datum en kon nog worden verschoven. Het was noodzakelijk om de Duitse divisies uit Polen over te brengen naar het westen en op sterkte te brengen voordat tot een aanval zou worden over gegaan. Sas herhaalde dat Nederland geen onderdeel was van de Duitse plannen.  

Onderaan het bericht stond dat het bijzondere aandacht verdiende in verband met de bron. (Blijkbaar hechtte de GS IIIA op dit moment grote waarde aan de berichten van Sas.)

   20 oktober 1939 Bericht en persoonlijk verslag in Den Haag. Nu zal ook heel Nederland worden overvallen en niet alleen Limburg. 
12 nov. 
15 nov.
19 nov.
22 nov.
26 nov.
12 november 1939

Op 7 november weer terug in Berlijn verneemt Sas van Oster dat de aanvalsdatum op zondag 12 november ligt, tevens weet Oster te vertellen dat Hitler de bewaakte en beveiligde bruggen in Nederland wil veroveren door Duitsers in Nederlands uniform.[12]
Oster doet een dringend beroep op Sas om direct terug te gaan naar Nederland en persoonlijk in Den Haag alles en iedereen te alarmeren. Er is nog tijd om voorbereidingen te treffen zodat de aanval niet als een verrassing hoeft te komen.

Met spoed keert Sas terug naar Den Haag waar hij in de morgen van 8 november aankomt en dit meldt aan een commissie uit de ministerraad, bestaande uit de heren de Geer, van Kleffens en Dijxhoorn, waarbij tevens de opperbevelhebber aanwezig is. Een koele ontvangst maar Sas komt direct ter zake. Zijn bron is boven elke verdenking verheven en voor honderd procent betrouwbaar, verzekert hij. Zeer emotioneel schetst hij de situatie in Berlijn en verteld uitgebreid wat hij weet zonder de naam van Oster te noemen. Hij durft er een eed op te doen. Met beide vingers in de lucht zweert hij dat er geen twijfel mogelijk is.
Het is even stil na deze na deze emotionele uitbarsting en het hartstochtelijke pleidooi om meteen de troepen te alarmeren en het opblazen van bruggen en dijken voor te bereiden. De bom barst bij Sas als gen. Reijnders enigszins zuur en tegen beter weten in zegt dat zijn gegevens niet kloppen met de inlichtingen die hij uit andere bronnen zou hebben. Ook de Geer, waarvan bekend is dat hij geen benul heeft van militaire zaken, zegt ronduit dat hij er geen woord van gelooft.[6]

3 dec.
10 dec.
30 november 1939 Aanval is verschoven van 3 naar 10 december. Er is door de Abwehr een uitgebreide studie gemaakt van de Maasovergangen , de bruggen, en hoe de Nederlandse verdediging van die bruggen is georganiseerd. Men was tot de conclusie gekomen dat die bruggen makkelijk waren te veroveren, hetzij door een een commandoactie van buitenaf of van binnenuit door Duitse soldaten in Nederlandse uniformen. Sas voegde er aan toe; het Nederlandse opperbevel moet niet alleen springladingen aanbrengen aan al deze bruggen  maar ook zodanige ontstekingsmechanismen dat de bruggen na een verrassende verovering, ook nog van een grote afstand, kunnen worden opgeblazen.[6]
11 dec.
17 dec.
1 jan.
7 december 1939 Aanval is uitgesteld tot 17 december maar kan best nogmaals door het slechte weer uitgesteld worden. Het OKW in Zossen gaat er van uit dat de onderwater gezette gebieden in Nederland, de Waterlinie, waarin de Duitse Generale staf wel een behoorlijke hindernis voor een snelle opmars ziet, dat deze inundaties omstreeks 17 december een heel lage waterstand zullen hebben. 

De aanval zal plaats vinden met behulp van eenheden in Hollandse uniformen, van pantsereenheden en van parachutisten. Het vermogen om weerstand te bieden wordt niet hoog aangeslagen. Men is er van overtuigd dat passende en handige aanbiedingen een einde kunnen maken aan een verzet dat, naar men meent, zich tot de oppervlakte zal beperken. 

Een van de aanwijzingen voor een gematigde weerstand is dat de huizen in de buurt van grote te vernielen kunstwerken (bruggen ed) niet ontruimd zijn. Deze grote werken zullen onmiddellijk geïsoleerd worden door Stuka's teneinde te voorkomen dat deze vernietigd worden.

De toestand van de Duitse divisies aan de Nederlandse en Belgische grens is zeer moeilijk; de troepen zijn letterlijk in de modder ingekoekt. Men concentreert reserve troepen in de Harz. Geen troepen-concentraties in Slowakije of Oostenrijk.

Holland moet het onmogelijke doen om zich te verdedigen tegen de onvermijdelijke aanval.  [19]

14 jan. 10 jan 1940 Bevestiging van de militair attaché dat de buitgemaakte papieren bij Maasmechelen echt zijn. Aanval 14 januari. [6]
  Half jan. 1940 De pantserdivisie, die in het rayon Rheine - Osnabrück - Munster is gelegen, volgt bij de invasie globaal de weg;  's Hertogenbosch - de Langestraat - Rotterdam."
17 jan. 14 jan 1940 Aanval verplaatst naar 17 januari. [6]
20 jan. 19 jan. 1940 Aanval blijft voorlopig uit, er is geen nieuwe datum vastgesteld [6]
  3 feb. 1940 De aandacht van Hitler is nog steeds gevestigd op Nederland en België. Het is niet onmogelijk dat er iets zal worden ontketend wanneer het weer daarvoor gunstig is. De geheimhouding is scherper geworden. Waarschijnlijk zal ik niet meer in staat zijn op tijd te waarschuwen. Het schijnt dat men geruststellende berichten wil verspreiden om de waakzaamheid van het Westen in slaap te sussen.  [19]
18 mrt.
29 feb. 1940 Op 29 februari stuurt Sas het volgende codetelegram naar Den Haag:

'Het schijnt dat er nieuwe operatieplannen worden bestudeerd en dat in elk daarvan de gedachte om een verrassing op een bepaald punt van het Westfront te verwezenlijken volkomen is opgegeven. Men streeft nu naar een aanvalsplan met twee zwaartepunten, één in de richting van Maastricht en één gericht op de scharnier van de Franse en Luxemburgse grens. 

Deze hoofdaanvallen worden begeleid door offensieve acties langs het hele front, in het Noorden verlengd tot de zee (Eemsmonding). De actie in het Noorden zou worden uitgevoerd door het achtste of achttiende leger, onder bevel van generaal Von Kluge, gelijktijdig met een maritieme operatie vanuit Borkum naar Den Helder. 

Het gaat hier overigens om studieplannen; geen enkele beslissing is genomen of staat op het punt te worden genomen. Zegsman heeft niet de indruk dat een dergelijke beslissing zal worden getroffen vóór begin April'.[19]

22 mrt. 21 maart 1940 Ik bezit geen enkel element om mijn mening met enige nauwkeurigheid op te baseren. De geheimhouding wordt steeds scherper bewaard. Ik heb het gevoel dat er binnen veertien dagen niets zal gebeuren, maar dat er binnen vier weken een offensief in het Westen zou kunnen worden ontketend. 

Ik herhaal dat, te oordelen naar brokstukken van gesprekken, naar de houding van de stafofficieren, en naar hun denkwijze, het moet gaan om een totale aanval op het hele front, met inbegrip van België en Nederland tot aan de Noordzee. Deze aanval zou worden uitgevoerd met hoofdstoten in de richting van Maastricht en van de scharnier tussen de Franse en Luxemburgse grens. Zij zou worden aangevuld door een marineactie op de Nederlandse kust. Wat Nederland betreft zou het niet slechts gaan om het terugdringen van de Nederlandse strijdkrachten, maar om hun vernietiging. Ik geloof niet in een aanval op Frankrijk alleen, noch in een schending beperkt tot Luxemburgs grondgebied.  [19]

13 april
14 april
2 april 1940 Het is onjuist te menen dat er niets zal gebeuren aan het Westelijke front. Ik ben diep overtuigd dat het spoedig zal losbarsten. Ik kan geen vaste datum aangeven, maar mijn persoonlijke indruk is dat 15 april het begin zou kunnen zijn van een offensieve actie tegen Denemarken in de richting van Noorwegen, en drie of vier dagen later tegen België en Nederland. Ik herhaal dat ik absoluut overtuigd ben van een offensief in het Westen.  [19]
  3 april 1940 De volgende dag al, op 3 april, is het Nederlandse gezantschap in Berlijn in rep en roer wanneer Sas, tegen het eind van de middag binnen komt stormen met een opgewonden verhaal dat meteen naar Den Haag moet. Zijn vertrouwde relatie heeft hem zojuist verteld: 'je zult het misschien niet geloven maar er staat een grootscheepse expeditie klaar om Denemarken en Noorwegen te bezetten. De troepen voor Noorwegen zijn, of worden, al ingescheept in Schwinemünde en Stettin. De bezetting begint op dinsdag (9 april). Daarna volgt het offensief in het Westen. Deze operatie is een persoonlijk plan van de Führer. Het is zo geheim dat niemand behalve de allerhoogste top het weet. Dat zijn in heel Duitsland op het ogenblik vijf mensen. Ik ben de zesde. Doe wat je kunt. Het is van het grootste belang dat Denemarken, Noorwegen en Engeland worden gewaarschuwd'.`

Sas gaat meteen aan de slag en wil een gecodeerd telegram naar Den Haag sturen maar omdat de hoogste baas, de gezant niet aanwezig is en die moet zijn paraaf zetten onder alle streng geheime cijfertelegrammen, kiest hij een andere weg. Hij neemt de telefoon en belt de adjudant van minister Dijxhoorn, kapitein Kruls, één van de weinigen die hij nog vertrouwt. In versluierde taal geeft Sas aan wanneer de aanval te verwachten is. Het is een primitieve code, die ze al eerder hebben afgesproken, namelijk toen Sas in Den Haag was en Kruls hem de denigrerende opmerkingen liet lezen waarin de berichten uit Berlijn belachelijk werden gemaakt. 

Sas zegt tegen Kruls via de telefoon: 'Ik kom binnenkort in Nederland en dan zou ik graag met je willen eten, dat zal dus moeten zijn op 9 mei'."' De code houdt in dat de aanval een maand eerder te verwachten is dan 9 mei, dus op 9 april. 

Sas heeft via de open telefoonlijn, die zeker wordt afgeluisterd, niet de mogelijkheid om aan te geven dat het om een gelijktijdige invasie van Denemarken en Noorwegen gaat, gevolgd door een aanval op het Westen. 

Pas 's avonds, wanneer de gezant terug is, wordt alsnog een uitgebreider telegram gestuurd naar Den Haag:  Geloofwaardige bron meldt aan de militaire attaché invasie zeker van Denemarken en Noorwegen in begin volgende week, vermoedelijk dinsdag (negen april). Groot gevaar voor aanval, hetzij tegelijk, hetzij korte tijd later, tegen Nederland, België en Frankrijk.[6] [19]

De dag er na, op donderdag 4 april, waarschuwde hij de Deense attaché en de kanselier van de Noorse legatie in Berlijn.

  10 april 1940 Brief nr 228, zeer geheim. [6]
  Vermoedelijk 10 april 1940. Vermoedelijk berichten van Sas via Kolonel Goethals aan de Belgische regering :

Weldra kwamen allerlei alarmerende berichten uit Berlijn aan. Kaarten van België en Nederland zouden zijn uitgedeeld aan Duitse troepen. 

  11 april 1940 Brief nr 230, zeer geheim. Bij het OKW is men van mening dat de toestand in het noorden niet duidelijk is en zal leiden tot hergroepering, speciaal van de luchtstrijdkrachten. Dit brengt met zich een uitstel van het offensief in het Westen, dat echter niet is opgegeven.  [6]
  Half april. De pantserdivisie, die in het rayon Rheine - Osnabrück - Munster is gelegen, bijzonder te doen gadeslaan aangezien een verplaatsing van deze pantserdivisie naar het zuiden een indicatie is voor onmiddellijk gevaar van een invasie. De route van die de pantserdivisie zou bij de invasie globaal zijn; 's Hertogenbosch - de Langestraat - Rotterdam. [27] 
21/22 april
24 april
20 april 1940 Brief nr 250, zeer geheim. Uitgebreid overzicht naar Den Haag, waarin hij nogmaals herinnert aan zijn eerdere waarschuwingen en waarin hij zijn gelijk wil halen want inmiddels is vast komen te staan dat het offensief tegen het westen inderdaad kort na de invasie in Scandinavië had moeten beginnen. Dat er niets gebeurd komt omdat de verovering van Noorwegen niet zo eenvoudig verloopt als Hitler heeft gedacht, de Noorse tegenstand is heviger dan verwacht.  [6]
  24 april 1940 Brief nr 261. Mijn vertrouwde relatie deelde mij gisteravond mee dat Hitler dezer dagen een brief van Mussolini heeft gericht, welke brief, naast een exposé van de situatie in Noorwegen, tevens de mededeling schijnt te hebben bevat, dat spoedig tot een offensief in het Westen zal worden overgegaan.[6] [19]
1 Mei.
5 Mei.
6 Mei.
7 Mei.
27 april 1940 Brief nr 266. De situatie wisselt van uur tot uur. Het is zeer wel mogelijk dat het tijdstip weer - zoals vaak gebeurd - wordt verschoven. Hier mag niet uit worden afgeleid dat het plan om in het Westen de beslissing te forceren van de baan zou zijn. [6]
8 Mei. Maandag 6 mei 1940 Aanvalsdatum 8 mei, 's morgens in alle vroegte. De troepen zijn nu al in de uitgangsstellingen gebracht en kunnen binnen twaalf uur, wanneer het definitieve bevel wordt gegeven, tot de aanval overgaan. Waarschijnlijk kort voorafgaand aan de aanval, een ultimatum zal worden gesteld aan Nederland en België. Duitse diplomaten werken aan een dosssier waarin Nederland en Belgie ervan worden beschuldigd allerminst neutraal te zijn.   [6]
9 Mei Dinsdag 7 mei  De aanval is een dag verschoven.  [6]
  Woensdag 8 mei,
23.10 uur.
Aarzeling  en zenuwachtigheid in Rijkskanselarij en Opperbevel weermacht. Volgens gebruikelijke informant zou alles weer op losse schroeven staan.  [9]
   Donderdag 9 mei.
Begin van de middag
Hitler heeft vanmiddag de ontketening van het offensief over het hele front Nederland-België-Luxemburg vastgesteld voor 10 mei bij het aanbreken van de dag. Het bevel kan nog herroepen worden, maar niet later dan 21 uur vanavond.  [19]
10 Mei. 9 mei. 22.35 uur. Telefonisch; Morgen vroeg, bij het aanbreken van de dag!